1.826 dagen zonder jou

Gepubliceerd op 4 april 2026 om 10:19

6 april 2021 staat weer voor de deur. Dat is 5 jaar geleden. Vijf jaar. Zo lang is het geleden dat ik haar voor het eerst zag. Dat ik haar heb ontmoet, en dat ik haar al los moest gaan laten. 

Als je het mij vraagt, dan voelt het alsof het gisteren was. De dagen rondom deze dag draaien altijd als een film in mijn hoofd, omdat ik precies weet wat ik aan het doen was op 6 april om 7u 's ochtends, om 4u 's middags, of om 7u 's avonds. De dagen erna hetzelfde. Tot en met 12 april, kan ik elke minuut weer beschrijven alsof ik het gisteren weer heb beleefd. Ik vraag me stiekem een beetje af of dat ooit minder zal worden. Ik had wellicht verwacht dat het na jaar drie al wat weg zou ebben, maar tot op heden kan ik daar nog niet van spreken. Het is en blijft een moment waar ik tegenop kijk. Dat is oké, denk ik dan maar. Maar dat maakt niet dat het minder moeilijk is, want de trauma's die nog diep geworteld zitten worden deze dagen erger, heftiger en mijn dagen draaien niet meer om alledaagse dingen, maar alleen nog maar om 6 april en om haar. 

De afgelopen week was ook weer een week vol verwarring, herbelevingen en een mate van chaos. Ik werd weer, door een medisch voorval bij een dierbare, ondergedompeld in de geur van ziekenhuizen, dezelfde gangen als bij Hailee en mijn moeder. Ik moest mezelf weer uitzetten voor m'n gevoel en heb alles maar op automatische piloot gedaan. 

"Wat moet ik regelen? Wie moet ik bellen? Wat moet ik overnemen? Oh ja, dit moet ik ook nog doen. En dat mag ik al helemaal niet vergeten. Heb ik dat nu gedaan of alleen gedacht? Hoe werkt dit nu? Oh, dit moet ik even opzoeken. En dit moet ik nog aanvragen."

Zo gaat het momenteel in mijn hoofd. En dan moet ik nog best wel wat op en neer pendelen, en mezelf alert houden in de auto wordt voor mijn gevoel met de dag lastiger. Maar het moet, op automatische piloot. Die echte klap van wat er nu weer speelt, die komt later wel weer. Ik verkeer in een vecht-of-vlucht reactie, waarbij ik van hot naar her ren en wel twintig ballen hoog moet houden. En als dat niet lukt, word ik boos en heb ik het gevoel van falen.

Misschien is dat ook wat deze dagen zo verwarrend maakt. Dat de wereld ondertussen gewoon doorgaat, terwijl het vanbinnen eigenlijk niet zo goed of lekker gaat. Niet op een dramatische manier die altijd zichtbaar is voor de buitenwereld. Van buiten lijkt alles misschien gewoon door te gaan. Maar vanbinnen voelt het zwaar. Alsof ik continu balanceer tussen overeind blijven en niet omvallen. Alsof er altijd iets onder de oppervlakte ligt dat elk moment naar boven kan komen.

De afgelopen week heeft dat alleen maar versterkt. Het trok me terug naar plekken waar ik eigenlijk niet meer wilde zijn. Het maakte iets wakker wat nooit helemaal weg is geweest. En ik merk dat ik daar minder goed tegen kan dan ik misschien had gehoopt. Of verwacht. Soms voelt het alsof ik na vijf jaar “verder” zou moeten zijn. Alsof het zachter had moeten worden. Minder aanwezig. Minder allesoverheersend. Maar zo werkt het niet. Niet voor mij.

In plaats daarvan lijkt het zich juist op andere manieren te laten zien. In vermoeidheid die niet weggaat. In een hoofd dat blijft malen. In een lijf dat sneller gespannen is. In momenten waarop ik me ineens weer zo ver weg voel van alles en iedereen.

En toch ga ik door. Omdat dat is wat je doet. Omdat het leven niet pauzeert. Omdat er ook dingen zijn die doorgaan, die aandacht vragen, die er óók zijn. Maar het kost energie. Veel meer dan ik soms wil toegeven. En stiekem ook veel meer energie dan ik eigenlijk heb. Een paar extra koffietjes per dag, een beetje minder slaap, een beetje meer drukte en heel slecht tegen prikkels kunnen. Het hoort erbij, denk ik dan maar. Zolang het maar tijdelijk is, want anders vrees ik dat de extra cafeïne uit de koffie en energiedrankjes niet meer het beoogde effect gaat hebben. 

De vijfde jaardag komt daardoor niet alleen met herinneringen, maar ook met een soort zwaarte waar ik me niet aan kan onttrekken. Het is geen dag die ik “even” beleef. Het is een dag waar ik tegenop kijk, maar ook een dag waarin ik dankbaar ben voor haar bestaan, hoe kort ze ook maar hier heeft mogen zijn. 

Lieve jij,

Vijf jaar. Het voelt zo groot als ik het zo opschrijf, en tegelijk ook helemaal niet. Alsof de tijd twee kanten op beweegt; steeds verder van je weg, en toch ook altijd weer terug naar dat begin.

Ik vraag me vaak af hoe je zou zijn geweest. Of je zou lachen zoals ik, of juist stil zou kunnen genieten van kleine dingen. Of je eigen willetje zou hebben gehad. Of je op mij zou lijken, of juist helemaal niet. 

Je bent er niet, en toch ben je overal. In de manier waarop ik naar de wereld kijk. In hoe ik dingen voel, intenser misschien dan voorheen. In de momenten waarop ik even stilval zonder duidelijke reden. Maar ook in liefde die ergens naartoe wil, ook al kan die je niet bereiken zoals het zou moeten.

Het gaat niet zo goed met me de laatste tijd, dat voel je misschien wel, waar je ook bent. Maar ik wil dat je weet dat dat niet betekent dat jij alleen maar verdriet brengt. Je brengt ook iets anders. Iets blijvends. Iets wat mij gevormd heeft, wat mij nog steeds vormt.

Ik draag je met me mee, elke dag. Niet altijd zichtbaar, niet altijd op de voorgrond, maar altijd daar.

En maandag, op jouw dag, zal ik extra aan je denken. Misschien een beetje langer stil zijn.

Misschien even iets tegen je zeggen, hardop of in mezelf.

Ik hoop dat je dat ergens voelt.

Ik hou van je. Voor altijd.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.